
Ruach, ruach, ruach elohim
ruach, ruach, ruach chayim
ruach elohim
De tekst en muziek van het lied ‘Ruach’ zijn geschreven door Helga Burggrabe. In zijn bundel Hagios schrijft hij: “Het Hebreeuwse woord ruach betekent ‘adem’ en ‘geest’. Ruach elohim is de ‘goddelijke adem/geest’ en ruach chayim de ‘levensadem’. Adem is de basis van het menselijk bestaan: tussen de eerste en de laatste ademtocht ontvouwt zich ons leven. Ademhalen is geen proces dat we bewust hoeven te beheersen. ‘Het ademt ons’ zonder enige actieve inspanning. Wat fascinerend is aan de betekenis van het woord ruach, is dat, als mens, adem en geest ons in gelijke mate vullen en in leven houden, en ons inspireren in de meest ware zin van het woord. In zang bezielen we de adem met klanken en woorden die door de geest geïnspireerd kunnen worden.”
(uit: Hagios – gesungenes gebet van Helge Burggrabe – vertaald vanuit het Duits)
Huis van ruha
De naam van huis van ruha is geïnspireerd op het Aramese woord ‘ruha’. Aramees is de taal die Jezus sprak in zijn dagelijks leven en sterk verwant aan het Arabisch en Hebreeuws. Ruha is het grondwoord van drie begrippen die via deze stam aan elkaar verbonden zijn: adem, geest en wind. Deze woorden omvatten wat we met huis van ruha bieden: een plek om op adem te komen, in verbinding met God en de natuur.
Tijdens de opening hebben we met tientallen harten en stemmen Gods aanwezigheid, de goddelijke adem/geest, de levensadem uitgezongen over huis van ruha: een gebed, een stille fluistering, een verlangen, een zegen.